Savinien Cyrano de Bergerac is tegelijk een toneelschrijver, een avant-garde filosoof, een bizarre dichter, een fervent polemist, een strijdlustige strijder, een twistzieke bravoure en een schurk. Hij houdt heimelijk van zijn nicht, de kokette Roxane, die op haar beurt verliefd is op een jonge cadet uit Gascogne, Christian de Neuvillette, knap als een god maar niet erg geestig. Uit angst voor het pesten van haar strijdmakkers probeert ze hem te laten beschermen door haar vreselijke neef. Cyrano is het daarmee eens en Christian, zich bewust van zijn gebrek aan geest, vraagt hem om advies. Hier is Cyrano begonnen aan een avontuur dat hem zowel verrukt als kwelt: hij schrijft liefdesbrieven voor zijn rivaal, stelt lieve woorden voor om tegen zijn geliefde te zeggen en slaagt er zelfs, verborgen in de schaduw onder zijn raam, in om een levendige verklaring af te leggen aan de jonge vrouw. Overmand door liefde leunt ze over haar balkon om Christian te kussen.